Drie gemeenten, één ambtelijke organisatie: elk een eigen uitvoeringsplan
Drie Brabantse gemeenten met één ambtelijke organisatie sloten zich in 2025 aan bij het Schone Lucht Akkoord. Welk verschil maakt een gezamenlijke organisatie voor aansluiten bij het SLA? Jelle Lauf en Sjoerd Wösten vertellen hierover. Zij werken voor de milieuafdeling van de ambtelijke werkorganisatie die de gemeenten delen.
In maart 2025 kwam er een aanmelding van gemeente Gilze en Rijen voor het Schone Lucht Akkoord, in oktober meldde gemeente Alphen-Chaam zich en in november gemeente Baarle-Nassau.
Heeft de ene gemeente de andere gestimuleerd?
Jelle: 'Gilze en Rijen wilde graag aansluiten. Daar heeft de gemeenteraad al begin 2025 ja gezegd. In Alphen-Chaam en zeker in Baarle-Nassau is langer gesproken over wat het oplevert en wat het kost. Ambtelijk werken de gemeenten wel samen, maar ze hebben elk een eigen politiek bestuur en gemeenteraad en die maken hun eigen afwegingen. Alphen-Chaam en Baarle-Nassau zijn niet helemaal te vergelijken met Gilze en Rijen, onder andere door het grotere agrarisch gebied.'
De ABG-gemeenten hadden al eerder interesse in aansluiting
Jelle: 'Klopt, in 2020 hebben alle drie de gemeenten geprobeerd voor een deel aan te sluiten bij het Schone Lucht Akkoord, het ministerie heeft toen aangegeven dat dit niet mogelijk was.'
Wat is er nu veranderd?
Jelle: 'Best veel. Provincie Noord-Brabant heeft een paar jaar geleden kleine Brabantse gemeenten geholpen. We konden gebruik maken van een extern bureau om te inventariseren wat we al hebben aan beleid dat aansluit bij het Schone Lucht Akkoord en wat er nog ontwikkeld moet worden.'
Sjoerd: 'Bij andere deelnemers en bij het Rijk is ondertussen veel kennis ontwikkeld en er zijn veel voorbeelden. Dus we hoeven nieuw beleid nu niet meer helemaal zelf te bedenken. Via het SLA-dashboard is informatie goed te vinden. Het is ook fijn om daar het hele spectrum van mogelijke maatregelen te zien. En als ik vragen heb, verloopt het contact met de SLA-contactpersonen soepel en positief.'
Jelle: 'Inmiddels is er bij het ministerie meer begrip voor de drempels bij kleinere gemeenten. Er is een inspanningsverplichting en we willen ook de gezondheidsdoelen halen. Maar we hoeven niet alles allemaal tegelijk aan te pakken.'
Maar jullie moeten wel gewoon een uitvoeringsprogramma met alle thema’s aanleveren
Sjoerd: 'Ja, vanaf 2027. Daar zijn we nu mee bezig. Een belangrijke factor die onze gemeenten over de streep trok, is dat we dat uitvoeringsprogramma helemaal zelf kunnen invullen. Van voorlichting tot verbod, je kunt als gemeente zelf kiezen welke aanpak bij de gemeente past.' Voorbeeld hiervan is dat de gemeente Baarle-Nassau voor houtstook heel erg insteekt op voorlichting en kennisdeling, zonder hier op dit moment een verbod aan te verbinden.
Is de ambtelijke samenwerking handig bij het schrijven van de uitvoeringsprogramma’s?
Jelle: 'Voor een deel wel. We proberen zoveel mogelijk overeenkomsten te zoeken. Maar omdat elke gemeente een eigen politieke organisatie heeft en een eigen karakter, zit er wel verschil tussen de uitvoeringsprogramma’s.'
Sjoerd: 'We moeten bij elke gemeente het hele besluitvormingsproces door. Maar er zijn zeker voordelen. We zijn nu op elk thema informatie aan het ophalen bij collega’s. Dat kunnen we dankzij de ABG-organisatie per thema bij één collega tegelijk voor drie gemeenten doen.'

