GGD-rapport Zeeland: luchtvervuiling beperkt, toch actie nodig
Zeeland legt de lat hoog. In het rapport dat GGD Zeeland onlangs uitbracht over luchtkwaliteit en gezondheid in de provincie, zetten de onderzoekers de Zeeuwse luchtkwaliteit af tegen de jongste advieswaarden van de wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Waar veel regio’s al blij zijn als ze de nieuwe EU-richtlijnen in 2030 halen, voldoet een groot deel van Zeeland voor een aantal stoffen al aan de ambitieuzere WHO-waarden die in 2021 zijn opgesteld.
‘De resultaten zijn positiever dan verwacht’, zegt Wim Hage, adviseur Milieu bij provincie Zeeland. ‘Neemt niet weg dat ook Zeeland gebieden kent waar de luchtkwaliteit ongezond is’, zegt Yvonne Bosch, onderzoeker en adviseur Milieu & Gezondheid bij GGD Zeeland.
Alert blijven op gezondheidsschade
Het rapport is het eerste over de status van de luchtkwaliteit in de hele provincie Zeeland. Het toont de luchtkwaliteit in 2023. Ongeveer een derde van de provincie, vooral het westen, blijft onder de nieuwste WHO-norm voor stikstofdioxide, Borsele, Terneuzen en Vlissingen zitten er het verst boven. Op 3 buurten in Terneuzen na, voldoet heel Zeeland aan de WHO-norm voor grof fijnstof (PM10). Maar de provincie overschrijdt overal die voor kleiner fijnstof (PM2,5).
De GGD wil met het rapport gemeenten aanzetten alerter te zijn op gezondheidsschade door luchtvervuiling, ook al is het halen van de EU-normen in 2030 voor Zeeland naar verwachting geen probleem. Yvonne: ‘Iedere verbetering van de luchtkwaliteit, hoe klein ook, levert gezondheidswinst op. Onze ambitie met dit rapport is dat het besef groeit dat voldoen aan de wettelijke eisen geen reden is om achterover te leunen. Omdat aan de wet voldoen niet betekent dat de lucht schoon is.’
Luchtverontreiniging zorgt in Zeeland weliswaar voor minder gezondheidsschade dan gemiddeld in Nederland. Toch veroorzaakt het bijvoorbeeld nog 1 op de 8 nieuwe gevallen van astma bij Zeeuwse kinderen en 1 op de 8 beroertes.
Scheepvaart grootste vervuiler
Provincie Zeeland en gemeente Terneuzen gaven opdracht voor dit onderzoek. Ze deden hiervoor een beroep op de SPUK SLA. Het GGD-onderzoek sluit aan bij een project om de omgevingskwaliteit in de kanaalzone tussen Terneuzen en Sluiskil te verbeteren. Inwoners van Terneuzen hebben van alle Zeeuwen de grootste kans op negatieve gezondheidseffecten door een slechte luchtkwaliteit. De Westerschelde en het kanaal naar Antwerpen dwars door de gemeente zijn daar een belangrijke oorzaak van. Daar komt de uitstoot van het grote industriecomplex in Terneuzen nog bij.
In heel Zeeland, en zeker in Terneuzen, is scheepvaart verreweg de grootste vervuiler. Industrie is de tweede belangrijkste bron, gevolgd door landbouw en houtstook.
Gemeenten aanspreken
Wim: ‘Voor de uitstoot van zeescheepvaart zitten de provincie en gemeenten niet aan de knoppen. Maar dat wil niet zeggen dat je niks kunt doen om het niveau van luchtvervuiling omlaag te krijgen. Dit rapport van de GGD bevat een heel hoofdstuk met goede aanbevelingen voor gemeenten. Met walstroom aanbieden, het eigen wagenpark elektrificeren of houtstookvrije nieuwe woonwijken kun je wél stappen zetten. Veel gemeenten zijn daar al mee bezig, ook al vinden ze aansluiting bij het Schone Lucht Akkoord spannend. Ze zijn huiverig om zich te committeren aan extra taken. Dit rapport is een goede aanleiding om gemeenten weer te benaderen over maatregelen voor schone lucht. Dat doen we samen met de GGD.’
Bosch heeft inmiddels al bij een derde van de gemeenten een afspraak om te bespreken hoe zij maatregelen kunnen nemen om blootstelling aan schadelijke stoffen te voorkomen. Met relatief kleine beleidskeuzes is al gezondheidswinst te boeken. Bijvoorbeeld geen school naast een drukke weg.
Twee inzichten
Het GGD-onderzoek leverde Bosch en Hage 2 inzichten op die het maken van zo’n rapport vergemakkelijken:
- Voor het Schone Lucht Akkoord houden de provincie en gemeente Terneuzen luchtkwaliteitsdata bij. ‘We hebben bij dit rapport gemerkt hoe belangrijk het is over goede brondata te beschikken. Die heeft Zeeland maar beperkt, omdat dit vanwege de relatief goede luchtkwaliteit voor onze provincie nooit een verplichting is geweest. We willen ervoor zorgen dat we die nu voor alle 13 gemeenten op orde gaan krijgen’, zegt Wim.
- Yvonne: ‘Onderzoeken is één, de communicatie rond het onderzoek regelen is een vak apart. Zonder de communicatieafdelingen van de GGD en de provincie had ik dit niet willen doen. Zij weten wat nodig is om de pers te woord te staan, bestuurders op tijd te informeren, de juiste boodschap te formuleren. Trek voor een goed communicatietraject rustig 2 maanden uit.’