Wensenlijstje bestuurders op Schone Lucht Akkoord conferentie
'Schaf 130 kilometer per uur op snelwegen zo snel mogelijk af.' Deze oproep kreeg naast vele andere wensen veel bijval in de zaal vol wethouders en gedeputeerden. Zo’n 50 bestuurders waren bij de Bestuurdersbijeenkomst van het Schone Lucht Akkoord op 11 februari in het Haagse cultureel centrum Amare.
Met het nieuwe kabinet in de maak, aan de vooravond van gemeenteraadsverkiezingen en met nieuwe EU-grenzen voor luchtkwaliteit in zicht, hadden vele wethouders en gedeputeerde toch kans gezien om een middag vrij te maken en af te reizen naar Den Haag. Een uitgelezen moment om van gedachten te wisselen over de toekomst van het Schone Lucht Akkoord. Dat leverde een levendige discussie op tussen de sprekers en de mensen in de zaal.
Omdat het zittende Kabinet in de slotfase zit, verving directeur-generaal Milieu en Internationaal Afke van Rijn Staatssecretaris Aartsen als voorzitter van de Stuurgroep van het SLA. Zij opende de bestuurdersconferentie. Ook voor haar waardevol om mee te krijgen van zoveel bestuurders wat er lokaal speelt en hoe men aankijkt tegen het Schone Lucht Akkoord, zeker nu in het nieuwe regeerakkoord daarnaar verwezen wordt als ‘uitgangspunt voor toekomstgericht beleid voor milieu en water.’

Wensenlijstje
De stuurgroepleden van het Schone Lucht Akkoord (Eva Oosters (gemeente Utrecht) Tobias van Elferen (gemeente Nijmegen) en Huib van Essen (Provincie Utrecht) gingen vervolgens in gesprek met de zaal: ‘Wat moeten we straks met de nieuwe staatssecretaris bespreken?’. Uit de zaal kwam een duidelijk wensenlijstje:
- Verlaag de maximumsnelheid op snelwegen weer. Liefst zoveel mogelijk naar 80 kilometer per uur. 130 is sowieso nergens goed voor.
- Werk toe naar de nieuwe WHO-normen.
- Geef lokale overheden meer beleidsruimte. Bijvoorbeeld om verder te kunnen gaan met ZE-zones, zodat die ook voor taxi’s en andere personenauto’s kunnen gelden.
- Onderzoek het effect van luchtvaart op luchtkwaliteit.
- Doe landelijk wat aan houtstook en vuurwerk.
Over de wenselijkheid van bindende afspraken was de zaal verdeeld. Er waren wethouders die een vurig pleidooi hielden voor meer bindende afspraken, onder meer voor houtstook. De vrijwilligheid van het SLA ervaren sommigen als verzwakkend om doelstellingen en grenswaarden te halen. Anderen benadrukten de kracht van gezamenlijk, op vrijwillige basis aan beleid en draagvlak werken.
Blauwdruk houtstookverbod Amersfoort
Wethouder Johnas van Lammeren van Amersfoort vertelde over het Amersfoortse houtstookverbod: ‘Na wat gesputter - ook in de Raad - is het grotendeels geaccepteerd. We zijn niet gedaagd wat ergens wel de verwachting was. Mocht dat toch gebeuren, dan verwachten we dat het juridisch standhoudt. Wie ons wil navolgen: we hebben een blauwdruk liggen.’ Handhaven bestond afgelopen jaar vooral uit uitleggen. Bij notoire stokers ging Van Lammeren zelf op bezoek. ‘Het gaat niet om beboeten, juist niet, maar om informeren. En dan zie je dat er meer steun is dan je denkt.’ Uiteindelijk hoefde de gemeente maar twee keer een dwangsom op te leggen.

Rechtvaardiger beleid
‘De groene huisarts’ Margarita Vossen (huisarts in Zuid- Limburg) legde uit hoe de kwetsbaarste mensen het zwaarst worden getroffen door slechte luchtkwaliteit en wat zij meemaakt in haar praktijk met patiënten met luchtwegaandoeningen. Ze riep de zaal op tot rechtvaardig beleid, waarbij de sterkste schouders de lasten dragen om de lucht schoner te maken.
Vervolgens lichtte Saskia Kloet (Longfonds) de draagvlakmonitor toe: 70 procent van de mensen vindt het goed dat er geen hout gestookt wordt bij slechte luchtkwaliteit. De draagvlakmonitor is één van de middelen waarmee het Longfonds gemeenten en provincies kan ondersteunen om beleid en maatregelen in te zetten.
Beleid breder trekken
Harry van Bergen vertelde dat Amsterdam de nieuwe WHO-normen als doel heeft, maar dat het als gemeente alleen niet mogelijk is om dat doel te halen. Amsterdam pleit voor het verlengen van het SLA ook na 2030 om dit doel in groter verband na te streven. ‘Het scheelt niet alleen ziektelast en levensjaren, maar ook bijvoorbeeld stikstofdepositie en het levert een betere drinkwaterkwaliteit op. Het is een ambitie waar je nooit spijt van kunt hebben.’
Die combinatie met andere hoofdpijndossiers is ook precies wat het minder progressieve deel van de bestuurders zou kunnen aanspreken, klonk uit de zaal.
Aangescherpte EU-richtlijn Luchtkwaliteit in 2030
De lucht is schoner, maar nog niet schoon genoeg, hield Marjolein Smeets de zaal voor. Ze is programmamanager voor de implementatie van de herziene richtlijn luchtkwaliteit bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Vanaf 2030 geldt in Europa een aangescherpte richtlijn Luchtkwaliteit. Deze richtlijn houdt nieuwe verplichtingen in. Vanaf 2026 moeten er routekaarten ontwikkeld worden voor een aanpak van punten waar in Nederland overschrijdingen zijn van de stoffen NO2, PM 2,5 en PM 10. Het RIVM verwacht de overschrijdingen vooral voor stikstofdioxide, met name langs snelwegen. Hoe groot de opgave precies is, is op dit moment nog niet duidelijk. Dat wordt in de loop van dit jaar door aanvullend onderzoek duidelijk. Wel is het belangrijk om goed voorbereid te zijn en overheden goed mee te nemen.
Tot slot werd door de zaal meegegeven dat van belang is dat er voor de komende periode voldoende budget is voor de SLA-organisatie, waardoor gemeenten en provincies de komende vier jaar kunnen worden ondersteund.
De zaal vroeg ook ondersteuning voor het overdrachtsdossier voor een nieuw college van B&W na de gemeenteraadsverkiezingen. En dat beloofde programmamanager van het SLA, Jan Kohl, als afsluiting van deze bestuurdersconferentie.

